vrijdag 4 mei 2018

Protomartyr en Tyvek in De Kreun (Kortrijk) op 03.05.18


Ergens halverwege de namiddag krijgt Protomartyrs 's avonds in de Kortrijkse Kreun geplande optreden wat extra cachet wanneer de band uit Detroit via de sociale media een op 15 juni uitkomende release aankondigt en hierbij meteen voor het eerst in zowat een jaar een nieuw nummer (met Kelley Deal op backings ) op de wereld loslaat.


Terwijl je dus reikhalzend kan uitkijken naar een eerste live kennismaking met nog niet eerder verschenen materiaal, krijgt als opwarmer van dienst het uit de thuisstad mee naar Europa gebrachte Tyvek de gelegenheid zich voor te stellen aan het Belgische publiek. Met hun complexloos neergezette slackerrock grijpt het kwartet de geboden kans best wel met twee handen. Gedragen door een scherpe, droge, ongepolijste gitaarsound schippert het zich low profile gedragende combo tussen rammelende punk, hoekige lofi-rock en meeslepende postpunk.

Bij wijze van nog meer in de juiste mood te geraken, worden een kleine tien minuten voor aanvang van de hoofdact de zaallichten verduisterd en vullen onheilspellende soundscapes de ruimte. Zo vindt Protomartyr de ideale setting om met 'My Children' meteen de koe bij de horens te vatten. Frontman Joe Casey & co klinken van bij aanvang overrompelend qua sound en geroutineerd gesofisticeerd qua samenspel.

Net als single 'Don't Go to Anacita' komen enkele songs van de nog te verschijnen ep al vroeg aan bod. Ook zonder Kelley Deal staat het pas geloste 'Wheel of Fortune' live als een huis, en het niet nader benoemde, hieropvolgende, nagelnieuwe nummer klinkt eveneens vintage Protomartyr met haar organische gebrachte tempo- en genreswitchen, het dynamisch donderende gedrum van Alex Leonard, het monotoon pompende baswerk van Scott Davidson en het afwisselend slaande en zalvende gitaarspel van Greg Ahee.

Hoewel organisatie en de meeste toeschouwers unaniem vol lof lijken over Protomartyrs passage tijdens Sonic City van een jaar of drie geleden, schetst een schijnbaar goedgemutste Casey een context bij hun show destijds die voor hem duidelijk als mindere prestatie in het geheugen ligt. Door het vroege aanvangsuur hadden de bandleden zich immers – pogend in een recordtempo een kater van jewelste weg te werken – al snel zo gretig in de alcohol gegooid dat hun functioneren eronder leed. Deze keer slurpen Casey en de zijnen aan een gezapig tempo flesjes bier leeg, enkel om zich in hun normale staat van zijn te bevinden. De band voelt zich dan ook duidelijk in zijn sas en wekt een relaxte indruk. Dit neemt niet weg dat het viertal zich helemaal smijt en dat Casey bij zijn meest intense declamaties, schreeuwende uithalen en emotionele croonen een verbeten trek rond de mond krijgt.

Hoewel 'Relatives In Descent' eerder al uitgebreid live gepresenteerd werd in Belgiƫ vult deze plaat ook nu de hoofdmoot van de setlist. Waar met 'The Devil in His Youth' en 'What the Wall Said' sporadisch ook ouder werk het reguliere optreden haalde, zet 'Come & See' een zinderende finale in die helemaal een climax toegemeten krijgt via het hypnotizerend dreunende 'Half Sister'.

Scherp van geest als hij is heeft Casey vervolgens perfect ingeschat dat de zaal niet enkel gevuld is met die hard-fans, en keert hij – terwijl de anderen nog wat sanitaire verplichtingen afhandelen – in zijn uppie relatief snel terug het podium op om de gelegenheidsaanwezigen te verhinderen reeds huiswaarts te keren en aldus een bisronde uit de brand te slepen. Deze kondigt hij aan als bestaande uit twee van hun beste nummers. En geef hem maar eens ongelijk als hierop 'Why Does It Shake?' en 'Scum, Rise!' volgen. Ze vormen alleszins een uitstekend orgelpunt op een ijzersterke show.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten